Studieprogramma
Studenten volgen een algemeen kernprogramma dat bestaat uit de volgende acht vakgebieden:
- Geschiedenis van de filosofie: Kennismaken met de elementaire vragen en begrippen van de wijsbegeerte en de geschiedenis van de filosofie en literatuur. We behandelen de Antieke wijsbegeerte, Middeleeuwse wijsbegeerte, het Verlichtingsdenken en de Moderne wijsbegeerte.
- Wijsbegeerte en spiritualiteit: De grote lijnen van de geschriften en denkers van de mystieke filosofie, spiritualiteit is object van studie. Aandacht wordt besteed aan de kosmologische opvattingen van de antieke mens. In het bijzonder de Hermetische filosofie, denkbeelden over de verhouding van de ziel tot het lichaam en de historisch-systematische situering van de Oosterse filosofie en het denken over de mens.
- Sociale en politieke filosofie: Sociale en politieke filosofie gaat over de betrekkingen tussen mensen zoals die binnen een maatschappelijke en politieke orde gestalte krijgen. Besproken worden vraagstukken rond politiek en samenleving.
- Godsdienstfilosofie: Aan de godsdienstfilosofie is de taak toebedeeld de betekenis, de zin en de waarheidsvraag van de religieuze tradities nader te onderzoeken. Getracht wordt inzicht te verkrijgen in het probleem van de godsvraag en het godsbewijs.
- Praktische filosofie: De hoofdlijnen van de historische ontwikkelingen van de ethiek en de daarmee samenhangende vraag naar de mogelijkheid van ethiek als wetenschap worden besproken. Bijzondere aandacht wordt besteed aan het toepassen van wijsgerige methoden op onderwerpen die in verband staan met het functioneren van de overheid en maatschappelijke ondernemingen. We kunnen denken aan; zorgethiek, management-, media- en bedrijfsethiek en organisatiefilosofie.
- Filosofie van kennis, wetenschap en betekenis: Object van studie is de analyse van en kritiek op de wetenschap als kenmethode. Aan de orde komt de theoriegeladenheid van de observatie, empirie als bron van kennis, waarheidstheorieën en het contrast met pseudo-wetenschap.
- Metafysica: Metafysica en transcendentie behoren tot de hoogste disciplines en pretenties van de filosofie. Besproken worden enkele klassieke thema's van de metafysica, zoals deze vooral in het kader van een zijns-leer in hun systematisch verband doordacht worden. Gezocht zal worden naar de zin van de vraag naar het uiteindelijke of absolute eenheidsbeginsel van het zijn en naar de onderlinge samenhang van de begrippen; substantie, het goddelijke of God, de kosmos, het Ik, de menselijke ziel of het subject.
- Mens en natuur: Economische crises, energieproblemen, het klimaat, ecologische problemen en milieurampen beheersen regelmatig het nieuws. Gezocht wordt naar de beste houding, beleid en ethische reflexie ten opzichte van deze problematiek. Aandacht wordt besteed aan; natuurfilosofie, eco-ethiek en kosmologie.
Beroepsvoorbereidende vakken
Het beroepsgerichte deel van de opleiding bestaat uit specifieke onderdelen, gericht op het beroepsmatig kunnen functioneren in een filosofische praktijk of onderwijspraktijk.
Het beroepsgerichte deel voor de afstudeervariant Counsellor / Filosofisch consulent (FC) bestaat uit:
Algemene praktische vorming: diverse vaardigheden in de verschillende handelingsvelden van de praktijk worden ingeoefend zoals gespreksvaardigheden, methodische- en cliëntgerichte gespreksvoering en socratische gespreksvoering.
- Beroepsvoorbereidende vorming: verschillende specifieke onderdelen van de praktische vorming gericht op het functioneren in de praktijk als counsellor of filosofische consulent komen aan de orde zoals het managen van een beroepspraktijk.
- Praktijkstages: kennismaken met de verschillende handelingsvelden van de praktijk; praktijkstages, inter-en groepssupervisie.
Het beroepsgerichte deel voor de onderwijspraktijk (LV) bestaat uit:
- Algemene praktische vorming: diverse vaardigheden in de verschillende handelingsvelden van de praktijk worden ingeoefend zoals; leermethodische opvattingen, onderwijsleerprocessen en leerplanontwikkeling.
- Beroepsvoorbereidende vorming: verschillende specifieke onderdelen van de praktische vorming gericht op het functioneren in de praktijk als leraar Levensbeschouwing/Filosofie in het basis-, mbo-, of voortgezet onderwijs komen aan de orde zoals; onderwijskunde, didactiek, methodenanalyse en pedagogiek.
- Praktijkstages: kennisnemen van het beroepsveld van de onderwijspraktijk, praktijkstages, inter-en groepssupervisie.
Het beroepsgerichte deel voor de afstudeervariant Journalistiek & Mediagebruik (JM) bestaat uit:
- Algemene praktische vorming: diverse vaardigheden in de verschillende handelingsvelden van de praktijk worden ingeoefend zoals; het gebruik van massamedia en de relevantie ervan voor de journalistiek en redactiepraktijk van mediagebruik in maatschappelijke organisaties en bedrijfsleven.
- Beroepsvoorbereidende vorming: verschillende specifieke onderdelen van de praktische vorming gericht op het functioneren in de praktijk van de journalistiek, redactiepraktijk en de mediapraktijk van (semi)overheid, maatschappelijke organisaties of bedrijfsleven.
- Praktijkstages: kennisnemen van het beroepsveld van de journalistiek en de redactiepraktijk, praktijkstages, inter- en groepssupervisie.
Afstudeerrichtingen
De opleiding Filosofie kent vier afstudeerrichtingen:
- Een vrije studierichting (VS); gericht op persoonlijke ontwikkeling en belangstelling voor filosofie.
- Counsellor / Filosofisch Consulent (FC): gericht op de praktijk van een filosofisch consulentschap of praktijksituaties in medisch-ethische commissies, bedrijfsmanagement, overheidsinstanties en/of een wetenschappelijk bureau van een politieke partij.
- Een lerarenvariant (LV); die opleidt voor docent levensbeschouwing/filosofie in het basis-, mbo-, of voorgezet onderwijs.
- Journalistiek en Mediagebruik (JM): gericht op functies in de journalistiek, de mediapraktijk van (semi)overheid, bedrijfsleven of maatschappelijke organisaties.
Welke afstudeervariant men ook kiest in beide gevallen volgt men een gemeenschappelijk basisprogramma van acht vakken waarin de geschiedenis van de filosofie, de godsdienstfilosofie, metafysica, de sociaal-politieke filosofie, de praktische filosofie, de wijsgerige antropologie, natuurfilosofie en de filosofie van kennis, wetenschap en betekenis in gelijke mate aan de orde komen.
Algemene doelstelling
De opleiding Filosofie heeft tot doel studenten de kennis, inzicht en vaardigheden bij te brengen die voor de bestudering van de wijsbegeerte in de historische en actuele context noodzakelijk dan wel nuttig zijn. Thematisch ligt daarbij het accent op de grote belangrijkste systematische wijsgerige vakken en de geschiedenis van de wijsbegeerte, waarbij de student tevens inzicht verwerft in de samenhang tussen de verschillende wijsgerige vakgebieden, problemen en benaderingen.
Algemene eindtermen
Afgestudeerden van de studierichting Filosofie beschikken over:
- Vaardigheden die hem in staat stellen de structuur van wijsgerige teksten en problemen te ontleden.
- Kennis en vaardigheid die hem in staat stellen wijsgerige vooronderstellingen en argumentaties zoals die in de huidige cultuur naar voren komen te onderkennen en uit te leggen.
- Kennis van de wijsgerige vakgebieden: mens en natuur, kenleer, logica, algemene wetenschapsleer, wijsgerige ethiek, sociale en politieke filosofie, godsdienstfilosofie en metafysica.
- Kennis van de grote lijnen van de geschiedenis van de filosofie; de belangrijkste periodes, stromingen en auteurs.
- De vaardigheid om zorgvuldig en analytisch om te gaan met zowel wijsgerige als niet-wijsgerige teksten en problemen.
- Het vermogen om genoemde kennis en inzicht toe te passen in de analyse en interpretatie van politiek-maatschappelijke vraagstukken die door verscheidenheid worden gekenmerkt.
- Competenties die noodzakelijk of nuttig zijn om na het behalen van het Hbo-examen Filosofie werkzaam te zijn in het beroepsveld van de filosofische praktijk, de journalistiek, de media of de onderwijspraktijk.
Vertaling van de doelstellingen en eindtermen
De eindtermen en doelstellingen zijn onderverdeeld in algemene en specifieke. De algemene eindtermen en doelstellingen gelden voor iedere student en betreffen de studierichting. De specifieke eindtermen en doelstellingen betreffen een module van het betreffende vakgebied. Zij geven per module aan over welke kennis en vaardigheden afgestudeerden dienen te beschikken.
